Schaal berekenen
Schaal berekenen leren kinderen in groep 7 en 8 met kaarten en plattegronden. Bij schaal 1 : 100.000 is 1 cm op de kaart 1 km in het echt. Een fietskaart of een plattegrond van je eigen buurt is thuis prima oefenmateriaal.
Liever op papier? Gratis werkbladen om te printen
Meestal in groep 7 en 8
Schaal berekenen oefenen
Kies een niveau. Typ grote getallen zonder punt, dus 1500 en niet 1.500. Bij een fout krijg je een tip.
Kort uitgelegd: schaal berekenen
De schaal zegt hoeveel keer kleiner iets op de kaart is dan in het echt. Bij schaal 1 : 100.000 is 1 cm op de kaart 100.000 cm in het echt.
- 100.000 cm = 1.000 m = 1 km
- Van de kaart naar het echt: keer de schaal
- Van het echt naar de kaart: gedeeld door de schaal
Reken daarna om naar de goede maat: cm, m of km.
Wat betekent schaal 1 : 100.000?
Een kaart is veel kleiner dan het echte land. De schaal zegt hoeveel kleiner. Bij schaal 1 : 100.000 is 1 cm op de kaart 100.000 cm in het echt. Je spreekt het uit als "één op honderdduizend".
100.000 cm is een getal waar kinderen weinig mee kunnen. Daarom rekenen ze het om naar meter en kilometer. Van cm naar m deel je door 100. Van m naar km deel je door 1.000.
| cm | m | km |
|---|---|---|
| 100.000 cm | 1.000 m | 1 km |
Bij schaal 1 : 100.000 is 1 cm op de kaart dus 1 km in het echt. Meet je 6 cm op de kaart, dan is het in het echt 6 km.
Schaal 1 : 100.000
1 cm op de kaart = 100.000 cm in het echt
100.000 cm = 1.000 m = 1 km
Dus: 1 cm op de kaart = 1 km in het echt
Van de kaart naar het echt
Je kind meet de afstand op de kaart met een liniaal. Daarna gaat het in drie stappen:
- Kijk wat 1 cm op de kaart in het echt is.
- Doe dat keer het aantal cm dat je gemeten hebt.
- Reken om naar de maat die gevraagd wordt.
Veel methodes gebruiken hierbij een verhoudingstabel. Voorbeeld: een fietskaart met schaal 1 : 50.000. De route is 6 cm. 1 cm op de kaart is 50.000 cm, dat is 500 m.
| kaart (cm) | 1 | 2 | 6 |
|---|---|---|---|
| echt | 500 m | 1 km | 3 km |
De route is in het echt dus 3 km.
Van het echt naar de kaart
Andersom ken je de echte afstand en zoek je hoeveel cm het op de kaart wordt. Dan deel je. Je vraagt je af: hoe vaak past de afstand van 1 cm in de echte afstand?
Bij schaal 1 : 100.000 is dat makkelijk: 7,5 km in het echt is 7,5 cm op de kaart. Bij andere schalen is het meer werk. Het helpt om eerst te weten wat 1 cm is.
| Schaal | 1 cm op de kaart is in het echt |
|---|---|
| 1 : 100 | 1 m |
| 1 : 1.000 | 10 m |
| 1 : 10.000 | 100 m |
| 1 : 25.000 | 250 m |
| 1 : 50.000 | 500 m |
| 1 : 100.000 | 1 km |
| 1 : 1.000.000 | 10 km |
2 km op een kaart van 1 : 25.000
1 cm op de kaart = 25.000 cm = 250 m
2 km = 2.000 m
2.000 : 250 = 8, dus 8 cm op de kaart
Plattegronden en bouwtekeningen
Bij een plattegrond van een huis of klaslokaal is de schaal veel kleiner, bijvoorbeeld 1 : 100 of 1 : 50. Het rekenen gaat hetzelfde.
- Schaal 1 : 100: 1 cm op de tekening is 100 cm, dat is 1 m. Een kamer van 4 m teken je 4 cm lang.
- Schaal 1 : 50: 1 cm op de tekening is 50 cm. Een kamer van 3 m (300 cm) teken je 300 : 50 = 6 cm lang.
In groep 8 rekenen kinderen hiermee ook de echte oppervlakte uit. Een tuin van 9 bij 6 cm op schaal 1 : 100 is in het echt 9 bij 6 m. Dat is 54 m².
De schaal zelf uitrekenen
Soms staat er geen schaal op de kaart, maar een schaalstok: een lijntje met de echte afstand erbij. Bijvoorbeeld: 2 cm is 1 km. Dan kun je de schaal zelf uitrekenen.
- Reken de echte afstand om naar cm: 1 km = 100.000 cm.
- Deel door het aantal cm op de kaart: 100.000 : 2 = 50.000.
- De schaal is 1 : 50.000.
Let op: de echte afstand moet in cm. Vergeet je kind dat, dan klopt de schaal niet.
Gratis werkbladen schaal berekenen
Om te printen, in zwart-wit. De antwoorden staan op de laatste pagina.
- Kaart naar echtgroep 7 en 8, pdf met antwoordenGratis printen
- Echt naar kaartgroep 7 en 8, pdf met antwoordenGratis printen
- Plattegrondengroep 7 en 8, pdf met antwoordenGratis printen
- Verhaaltjessommengroep 8, pdf met antwoordenGratis printen
Schaal berekenen: wat leert je kind in welke groep?
- Groep 7Wat schaal betekent, schaal 1 : 100 en 1 : 100.000, van de kaart naar het echt en omrekenen tussen cm, m en km.
- Groep 8Ook andere schalen, van het echt naar de kaart, de schaal zelf uitrekenen met een schaalstok en de oppervlakte op een plattegrond. Schaal komt geregeld voor op de doorstroomtoets.
Schaal hangt samen met de verhoudingstabel. Gaat die goed, dan gaat schaal meestal ook beter.
Waar kinderen bij schaal berekenen vaak op vastlopen
- Vergeten om te rekenen naar m of km. Kinderen schrijven dan "4 cm is 400.000" en stoppen. Vraag steeds: 400.000 wat? En hoeveel km is dat?
- Nullen kwijtraken bij het omrekenen. Laat je kind een tabel maken met km, m en cm, of de trap van het metriek stelsel gebruiken.
- Keer en delen omdraaien. Van de kaart naar het echt wordt het groter, dus keer. Van het echt naar de kaart wordt het kleiner, dus delen. Laat je kind eerst schatten: moet het antwoord groot of klein zijn?
- Bij de schaal zelf uitrekenen de echte afstand niet in cm zetten. 2 cm is 1 km geeft dan 1 : 0,5 in plaats van 1 : 50.000.
Thuis aan de slag met schaal berekenen
- Pak een fietskaart of wandelkaart en meet samen een route met een liniaal. Hoeveel km is het echt? Klopt dat met de bordjes onderweg?
- Teken samen een plattegrond van de kamer van je kind op schaal 1 : 50 of 1 : 100. Meet eerst de muren met een rolmaat.
- Kijk naar een modelauto of bouwpakket. Daar staat vaak een schaal op de doos. Hoe lang zou de echte auto zijn?
- Zoek op een online kaart de schaalstok en vraag: hoeveel meter is dit streepje? En wat gebeurt er als je inzoomt?
Vragen over schaal berekenen
Hoe bereken je schaal?
Van de kaart naar het echt doe je de afstand op de kaart keer het getal van de schaal. Van het echt naar de kaart deel je door de schaal. Reken het antwoord daarna om naar de goede maat, zoals m of km.
Wat betekent schaal 1 : 100.000?
Dat 1 cm op de kaart 100.000 cm in het echt is. 100.000 cm is 1.000 m, en dat is 1 km. Op zo'n kaart is elke cm dus 1 km.
Hoeveel is 1 cm op een kaart van 1 : 25.000?
1 cm op de kaart is 25.000 cm in het echt. Dat is 250 m. Vier cm op de kaart is dan 1 km. Wandelkaarten hebben vaak deze schaal.
Hoe reken je de schaal uit met een schaalstok?
Reken de echte afstand bij de schaalstok om naar cm. Deel dat door het aantal cm van het lijntje. Is 2 cm 1 km, dan is dat 100.000 cm : 2 = 50.000. De schaal is 1 : 50.000.
In welke groep leer je schaal berekenen?
Meestal in groep 7, met kaarten en plattegronden. In groep 8 komen moeilijkere schalen en de schaal zelf uitrekenen erbij. Bij aardrijkskunde zien kinderen de schaal op een kaart soms al eerder.
Hierna oefenen
Alles van rekenen vind je op rekenen oefenen. Per groep: groep 7 en groep 8.



