Kommagetallen oefenen
Kommagetallen zijn getallen met een komma, zoals 2,5 of € 3,95. Je kind kent ze dus al uit de winkel. Hieronder staat hoe ze op school leren rekenen met de komma, en per onderdeel kun je tien sommen oefenen.
Liever op papier? Gratis werkbladen om te printen
Meestal in groep 6 tot en met 8
Kommagetallen oefenen
Kies een niveau. Typ je antwoord met een komma, zoals 2,5. Bij een fout krijg je een tip.
Het belangrijkste over kommagetallen
Achter de komma staan de delen van een heel. Het eerste cijfer na de komma zijn de tienden, het tweede de honderdsten, het derde de duizendsten.
- Groep 6: tienden en honderdsten, vaak met geld en meten
- Groep 7: vergelijken, plus en min, keer en gedeeld door 10, 100 en 1000
- Groep 8: vermenigvuldigen, delen en afronden, en de link met breuken en procenten
Wat betekent de komma?
Een kommagetal bestaat uit hele en delen van een heel. Vóór de komma staan de hele, achter de komma de delen. Op school werken kinderen met een positieschema: een tabel met een vak voor elke plaats.
| T | E | , | t | h |
|---|---|---|---|---|
| 1 | 4 | , | 3 | 6 |
T = tientallen, E = eenheden, t = tienden, h = honderdsten. Bij 14,36 heb je dus 1 tiental, 4 eenheden, 3 tienden en 6 honderdsten. Veel methodes schrijven de tienden en honderdsten met kleine letters, zodat ze niet door elkaar lopen met de tientallen en honderdtallen.
Een kommagetal is eigenlijk een breuk: 0,3 is 3/10 en 0,25 is 25/100. Hoe je andere breuken omrekent, zoals 3/4 of 2/5, staat bij breuken naar kommagetallen.
Handig om te weten
- 0,1 = een tiende = 1/10
- 0,01 = een honderdste = 1/100
- 0,5 = vijf tienden = een half
Geld en meten helpen
Kinderen kennen kommagetallen al van prijzen. € 2,35 is 2 euro en 35 cent. Een cent is een honderdste euro, want 100 cent is 1 euro. Tien cent is een tiende euro.
Ook bij meten zie je kommagetallen: 1,45 m is 1 meter en 45 centimeter. Een centimeter is een honderdste meter. Daarom gebruiken scholen in groep 6 vaak geld en een meetlint om kommagetallen uit te leggen.
Welk kommagetal is groter?
Hier gaat het vaak mis. Veel kinderen denken dat 0,45 groter is dan 0,5, omdat 45 groter is dan 5. Maar 0,5 is 5 tienden en 0,45 is maar 4 tienden en 5 honderdsten.
Vergelijk daarom cijfer voor cijfer, van links naar rechts: eerst de hele, dan de tienden, dan de honderdsten. Een handige truc: maak beide getallen even lang met een nul erachter. 0,5 wordt 0,50. Dan zie je meteen dat 0,50 meer is dan 0,45.
0,5 of 0,45?
0,5 = 0,50 (vijftig honderdsten)
0,45 = vijfenveertig honderdsten
Dus 0,5 is groter.
Plus en min: komma onder komma
Bij optellen en aftrekken zet je de komma's precies onder elkaar. Zo tel je tienden bij tienden en honderdsten bij honderdsten. Heeft één getal minder cijfers achter de komma, zet er dan een nul achter. Daar verandert het getal niet door.
In groep 6 en 7 rekenen kinderen dit eerst uit hun hoofd, zoals 2,4 + 0,6 = 3. Daarna ook onder elkaar, net als bij cijferen.
3,5 + 1,25
Maak er 3,50 + 1,25 van.
Hele: 3 + 1 = 4. Achter de komma: 50 + 25 = 75 honderdsten.
Samen: 4,75
Keer en gedeeld door 10, 100 en 1000
Bij keer 10 wordt elk cijfer tien keer zo veel waard. Je ziet dat de komma één plaats naar rechts schuift: 3,45 × 10 = 34,5. Bij keer 100 schuift hij twee plaatsen, bij keer 1000 drie.
Bij gedeeld door 10 schuift de komma één plaats naar links: 34,5 : 10 = 3,45. Sommige methodes zeggen het andersom: de cijfers schuiven en de komma blijft staan. Het antwoord is hetzelfde.
Afronden op een heel getal doe je zo: kijk naar het cijfer direct achter de komma. Is dat 5 of meer, dan rond je naar boven af. Is het minder dan 5, dan naar beneden. 4,5 wordt 5 en 4,49 wordt 4.
Gratis werkbladen kommagetallen
Om te printen, in zwart-wit. De antwoorden staan op de laatste pagina.
- Tienden en honderdstengroep 6, pdf met antwoordenGratis printen
- Plus en mingroep 6 en 7, pdf met antwoordenGratis printen
- Keer en gedeeld door 10 en 100groep 7, pdf met antwoordenGratis printen
- Verhaaltjessommengroep 7 en 8, pdf met antwoordenGratis printen
In welke groep komt kommagetallen aan bod?
- Groep 6Tienden en honderdsten, kommagetallen op de getallenlijn, en rekenen met geld en lengtes.
- Groep 7Kommagetallen vergelijken, optellen en aftrekken, en keer en gedeeld door 10, 100 en 1000.
- Groep 8Vermenigvuldigen en delen met kommagetallen, afronden, en kommagetallen omzetten naar breuken en procenten.
Met geld rekenen kinderen vaak al met kommagetallen voordat ze het woord kennen.
Lastige punten bij kommagetallen
- Een langer getal lijkt groter: 0,45 voelt groter dan 0,5. Zet een nul erachter (0,50) of denk aan geld: 50 cent is meer dan 45 cent.
- Bij optellen zetten kinderen de getallen rechts onder elkaar in plaats van komma onder komma. Laat ze eerst de komma's onder elkaar zetten en de lege plekken met een 0 vullen.
- Bij keer 10 zetten kinderen er een nul achter, zoals bij hele getallen: 2,5 × 10 wordt dan 2,50. Dat klopt niet: de komma schuift, 2,5 × 10 = 25.
- Tienden en tientallen lopen door elkaar. Gebruik een positieschema met een duidelijke komma in het midden.
Tips om thuis met kommagetallen te oefenen
- Laat je kind in de winkel prijzen optellen of uitrekenen hoeveel je terugkrijgt.
- Meet samen dingen op met een meetlint en schrijf de lengte in meters: de tafel is 1,60 m, je kind is 1,38 m.
- Vergelijk prijzen: wat is goedkoper, € 1,09 of € 0,99? En hoeveel scheelt het?
- Kijk samen naar de weegschaal of een maatbeker: 0,5 kg is een halve kilo, 0,25 liter is een kwart liter.
Wat ouders vragen over kommagetallen
In welke groep leer je kommagetallen?
Meestal in groep 6. Kinderen leren dan tienden en honderdsten, vaak met geld en meten. In groep 7 gaan ze ermee rekenen en in groep 8 komen vermenigvuldigen, delen en afronden erbij. Op de ene school gaat het wat sneller dan op de andere.
Hoe leg ik kommagetallen uit aan mijn kind?
Begin met geld. € 3,25 is 3 euro en 25 cent, en een cent is een honderdste euro. Teken daarna een tabel met hele, tienden en honderdsten, en zet getallen erin.
Waarom denkt mijn kind dat 0,45 groter is dan 0,5?
Je kind kijkt naar de cijfers achter de komma als een heel getal: 45 is meer dan 5. Zet een nul achter 0,5, dan staat er 0,50. Nu ziet je kind dat 50 honderdsten meer is dan 45 honderdsten.
Hoe tel je kommagetallen op?
Zet de getallen onder elkaar met de komma's recht onder elkaar. Vul lege plekken aan met een 0. Tel daarna op zoals altijd en zet de komma in het antwoord op dezelfde plek.
Hoe rond je een kommagetal af?
Kijk naar het cijfer direct achter de plek waarop je afrondt. Is het 5 of meer, dan ga je omhoog. Is het 4 of minder, dan ga je omlaag. 7,6 afgerond op een heel getal is 8.
Verder oefenen
Alles van rekenen vind je op rekenen oefenen. Per groep: groep 6, groep 7 en groep 8.



