Verhoudingstabel oefenen
Een verhoudingstabel is een tabel met twee rijen die bij elkaar horen, zoals pakken en prijs. Kinderen gebruiken hem vanaf groep 6 bij geld, recepten, procenten en schaal. De regel is simpel: wat je boven doet, doe je ook onder.
Liever op papier? Gratis werkbladen om te printen
Meestal in groep 6 tot en met 8
Verhoudingstabel oefenen
Kies een niveau. Typ het getal, met een komma als dat nodig is. Bij een fout krijg je een tip.
Kort uitgelegd: de verhoudingstabel
In een verhoudingstabel horen de getallen boven en onder bij elkaar. De gouden regel: wat je boven doet, doe je ook onder.
- Keer of gedeeld door hetzelfde getal
- Via 1: reken eerst uit wat er bij 1 hoort
- Twee kolommen optellen
Zo kom je in kleine, makkelijke stapjes bij het antwoord.
Wat is een verhoudingstabel?
Een verhoudingstabel heeft twee rijen. Bovenaan staat bijvoorbeeld het aantal pakken, onderaan het aantal koeken. Elke kolom hoort bij elkaar: 1 pak heeft 6 koeken, 2 pakken hebben 12 koeken.
| pakken | 1 | 2 | 4 | 10 |
|---|---|---|---|---|
| koeken | 6 | 12 | 24 | 60 |
De belangrijkste regel: wat je boven doet, doe je ook onder. Doe je boven keer 2, dan doe je onder ook keer 2. Zo blijft de verhouding gelijk.
Je kind kiest zelf de stapjes. Er is niet één goede route.
Keer, delen en via 1
Meestal kom je met keer of delen bij het antwoord. Soms gaat dat niet in één keer. Dan maak je een tussenstap. Een handige tussenstap is vaak 1: reken eerst uit wat er bij 1 hoort.
Voorbeeld: 4 schriften kosten € 6. Wat kosten 7 schriften?
| schriften | 4 | 1 | 7 |
|---|---|---|---|
| prijs | € 6 | € 1,50 | € 10,50 |
Eerst gedeeld door 4: 1 schrift kost € 1,50. Dan keer 7: 7 schriften kosten € 10,50.
4 schriften kosten € 6. Wat kosten 6 schriften?
Via 2 gaat het nog makkelijker:
4 schriften: € 6
2 schriften: € 3 (de helft)
6 schriften: € 9 (keer 3)
Kolommen optellen
Een derde manier: twee kolommen bij elkaar optellen. Dat werkt omdat beide kolommen bij dezelfde verhouding horen.
Voorbeeld: 10 kaartjes kosten € 25. Wat kosten 12 kaartjes?
| kaartjes | 10 | 2 | 12 |
|---|---|---|---|
| prijs | € 25 | € 5 | € 30 |
2 kaartjes is 10 kaartjes gedeeld door 5, dus € 25 : 5 = € 5. Daarna tel je de kolommen op: 10 + 2 = 12 kaartjes, en € 25 + € 5 = € 30.
Recepten, procenten en schaal
Kinderen gebruiken de verhoudingstabel steeds weer, ook bij andere onderwerpen.
- Recepten: voor 4 personen 300 gram pasta, voor 6 personen? Via 2 personen (150 gram) kom je op 450 gram.
- Procenten: boven staan de procenten, onder het bedrag. 100% is € 60, 10% is € 6, 30% is € 18.
- Schaal: boven de cm op de kaart, onder de afstand in het echt.
- Snelheid: 15 km in 1 uur is 45 km in 3 uur.
| personen | 4 | 2 | 6 |
|---|---|---|---|
| gram pasta | 300 | 150 | 450 |
Wat is voordeliger?
In groep 8 vergelijken kinderen ook twee aanbiedingen. Pak A: 3 repen voor € 2,40. Pak B: 5 repen voor € 3,75. Welk pak is voordeliger?
Reken bij allebei uit wat 1 reep kost. Bij A is dat € 2,40 : 3 = € 0,80. Bij B is dat € 3,75 : 5 = € 0,75. Pak B is dus voordeliger.
| repen | 3 | 1 |
|---|---|---|
| pak A | € 2,40 | € 0,80 |
| repen | 5 | 1 |
|---|---|---|
| pak B | € 3,75 | € 0,75 |
Je kunt ook naar hetzelfde aantal rekenen, bijvoorbeeld 15 repen. Dan kost A € 12 en B € 11,25.
Gratis werkbladen verhoudingstabel
Om te printen, in zwart-wit. De antwoorden staan op de laatste pagina.
- In één stapgroep 6 en 7, pdf met antwoordenGratis printen
- Met een tussenstapgroep 7 en 8, pdf met antwoordenGratis printen
- Met geldgroep 7 en 8, pdf met antwoordenGratis printen
- Verhaaltjessommengroep 7 en 8, pdf met antwoordenGratis printen
De verhoudingstabel: wat leert je kind in welke groep?
- Groep 6De eerste verhoudingstabellen, met keer en delen in één stap: 1 pak is 6 koeken, hoeveel koeken in 4 pakken?
- Groep 7Tussenstappen maken, via 1 rekenen en kolommen optellen. De tabel komt terug bij procenten, schaal en geld.
- Groep 8Moeilijkere verhoudingen met kommagetallen, aanbiedingen vergelijken en snelheid. Op de doorstroomtoets is de verhoudingstabel vaak een handig hulpmiddel.
Waar kinderen bij de verhoudingstabel vaak op vastlopen
- Boven iets anders doen dan onder. Bijvoorbeeld boven keer 2 en onder plus 2. Wijs je kind steeds op de regel: wat je boven doet, doe je ook onder.
- Optellen in plaats van vermenigvuldigen. Van 4 naar 6 pakken is niet "er 2 bij" doen. Laat je kind eerst naar 2 gaan (de helft) en dan keer 3.
- Vergeten welke rij wat is. Laat je kind boven en onder altijd een naam geven, zoals "pakken" en "euro".
- Een te grote stap willen maken. Kleine stapjes zijn juist de bedoeling. Moedig aan om naar 1, 2 of 10 te gaan.
Thuis aan de slag met de verhoudingstabel
- Pas samen een recept aan voor meer of minder personen. Schrijf de verhoudingstabel op een briefje naast de weegschaal.
- Vergelijk in de supermarkt twee pakken: welke is voordeliger? Kijk daarna samen naar de prijs per kilo op het prijskaartje.
- Reken uit hoeveel zakgeld je kind in een maand of een jaar krijgt. Hoeveel weken is dat?
- Vraag onderweg in de auto: we rijden 100 km per uur, hoe ver zijn we na een half uur? En na 3 kwartier?
Vragen over de verhoudingstabel
Wat is een verhoudingstabel?
Een tabel met twee rijen getallen die bij elkaar horen, bijvoorbeeld het aantal pakken en de prijs. Wat je in de ene rij doet (keer of delen), doe je ook in de andere. Zo reken je in kleine stapjes naar het antwoord.
Hoe werkt een verhoudingstabel?
Zet bovenaan wat je weet, bijvoorbeeld 4 schriften en € 6. Maak dan stapjes: deel boven en onder door hetzelfde getal, of doe ze keer hetzelfde getal. Je mag ook twee kolommen optellen. Ga door tot je bij het getal komt dat je zoekt.
Wanneer gebruik je een verhoudingstabel?
Bij sommen waarin twee dingen samen groter of kleiner worden: aantal en prijs, personen en gram, uren en kilometers. Ook bij procenten en schaal gebruiken scholen de verhoudingstabel.
Wat is rekenen via 1?
Je rekent eerst uit wat er bij 1 hoort. Kosten 5 kilo appels € 7,50, dan kost 1 kilo € 1,50. Daarna doe je keer het aantal dat je zoekt: 3 kilo kost € 4,50.
In welke groep leer je de verhoudingstabel?
Veel methodes beginnen in groep 6 met eenvoudige tabellen. In groep 7 en 8 wordt de tabel een vast hulpmiddel bij procenten, schaal, geld en verhaaltjessommen.
Hierna oefenen
Alles van rekenen vind je op rekenen oefenen. Per groep: groep 6, groep 7 en groep 8.



