De tafel van 10
De tafel van 10 is tellen in tientallen. Elk antwoord is een rond getal: 10, 20, 30 en zo verder.
Rijtje van de tafel van 10
- 1 × 10=10
- 2 × 10=20
- 3 × 10=30
- 4 × 10=40
- 5 × 10=50
- 6 × 10=60
- 7 × 10=70
- 8 × 10=80
- 9 × 10=90
- 10 × 10=100
Hardop: 10, 20, 30, 40, 50, 60, 70, 80, 90, 100
Tafel van 10 oefenen
Tien sommen door elkaar. Bij een fout krijg je een tip.
Het trucje: tellen in tientallen
3 × 10 betekent 3 groepjes van 10, dus 3 tientallen. Tel samen in sprongen: 10, 20, 30. Het eerste getal van de som zegt hoeveel tientallen het zijn.
Kent je kind de tafels van 1 en 2 al? Dan kent het door het omdraaien al 2 van de 10 sommen: 2 × 10 is evenveel als 10 × 2. Nieuw zijn nog 3 × 10, 4 × 10, 5 × 10, 6 × 10, 7 × 10, 8 × 10, 9 × 10 en 10 × 10.
Gratis werkblad tafel van 10
Twee werkbladen en een puzzelblad uit het tafelpakket groep 4, met de antwoorden erbij. Je kind rekent sommen uit met plaatjes en rijtjes en maakt daarna de puzzel.
Werkblad tafel van 10 (pdf, 4 pagina's)
Gratis printenOpent als pdf. Print in zwart-wit, de antwoorden staan op pagina 4.
Hier struikelen kinderen vaak over bij de tafel van 10
- Kinderen schrijven bij 3 × 10 soms 13. Tel dan samen in sprongen van 10: 10, 20, 30.
- Bij 10 × 10 twijfelen kinderen vaak. Tel dan door vanaf 9 × 10 = 90.
- Blijft het lastig, pak dan speelgeld erbij: 4 briefjes van 10 euro zijn samen 40 euro.
Spelletje voor tussendoor bij de tafel van 10
Speel winkeltje met speelgeld. Hoeveel geld is 6 briefjes van 10 euro? En andersom: hoeveel briefjes van 10 zijn 40 euro?
Delen met de tafel van 10
Bij elke keersom hoort een deelsom. Weet je kind 4 × 10 = 40? Dan weet het ook 40 : 10 = 4. In groep 4 komen de eerste deelsommen meestal na de keersommen.
- 10 : 10 = 1
- 20 : 10 = 2
- 30 : 10 = 3
- 40 : 10 = 4
- 50 : 10 = 5
- 60 : 10 = 6
- 70 : 10 = 7
- 80 : 10 = 8
- 90 : 10 = 9
- 100 : 10 = 10
Alle tafels van groep 4 in zeven weken
Na de tafels van 1 en 2 krijgt de tafel van 10 een eigen week (week 3). Jij krijgt bij elke tafel een uitlegpagina, je kind werkbladen, flitskaarten, een tempotoets en een puzzelblad.
- Tien tot vijftien minuten per dag
- Eerst met plaatjes, dan uit het hoofd
- Alle antwoorden en een tafeldiploma
Vragen over de tafel van 10
Hoe leer je de tafel van 10?
Door te tellen in tientallen: 10, 20, 30. Bij elke som zegt het eerste getal hoeveel tientallen het zijn. 7 × 10 is 7 tientallen, dus 70.
In welke groep leer je de tafel van 10?
Meestal aan het begin van groep 4, na de tafels van 1 en 2. De tafel van 10 helpt later bij de tafels van 5 en 9.
Waarom zet je een 0 erachter bij keer 10?
Omdat elk groepje van 10 één tiental is. 6 × 10 zijn 6 tientallen, en dat schrijf je als 60.
Andere tafels oefenen
- Tafel van 1
- Tafel van 2
- Tafel van 3
- Tafel van 4
- Tafel van 5
- Tafel van 6
- Tafel van 7
- Tafel van 8
- Tafel van 9
- Tafel van 10
- Tafel van 11 (extra)
- Tafel van 12 (extra)
Alle tafels door elkaar? Op tafels oefenen kies je zelf welke. Meer voor deze groep vind je bij rekenen groep 4.