Pakketten

Rekenen groep 4 oefenen

Rekenen in groep 4 gaat tot 100, ook over het tiental heen. Daarnaast komen de eerste tafels en klokkijken met kwartieren. Sommen als 63 − 7, waarbij je eerst naar 60 gaat en dan nog 4 terug, zijn voor veel kinderen het lastigst.

Liever op papier? Gratis werkbladen om te printen

Rekensommen groep 4 oefenen

Kies een onderdeel. Je kind maakt tien sommen. Bij een fout krijg je een tip.

Vraag 10 goed

Rekenpakket groep 4 Zes weken met een plan, uitleg voor jou en alle antwoorden. € 6,95Bekijk pakket

Rekenen in groep 4 in het kort

In groep 4 komt bij rekenen meestal dit aan bod:

  • Getallen tot 100: tientallen en eenheden, het honderdveld en de getallenlijn
  • Plus en min tot 100, ook over het tiental, zoals 47 + 8 en 63 − 25
  • De tafels van 1, 2, 3, 4, 5 en 10, en de eerste deelsommen
  • Klokkijken met kwartieren, rekenen met geld tot 100 euro en meten in centimeters en meters

Getallen tot 100

Je kind leert hoe de getallen tot 100 in elkaar zitten: 67 is 6 tientallen en 7 eenheden. Methodes gebruiken daarbij een honderdveld (de getallen 1 tot en met 100 in rijen van tien), een getallenlijn en geld: briefjes van 10 euro en munten van 1 euro.

Kinderen tellen in sprongen van 2, 5 en 10, ook terug, en zetten getallen op de goede plek op een getallenlijn.

Aan het eind van groep 4 weet je kind hoe getallen tot 100 zijn opgebouwd en kan het ze vergelijken en ordenen.

Plus en min tot 100

Eerst komen sommen waarbij je niet over het tiental gaat, zoals 43 + 5 en 40 + 30. Daarna sommen over het tiental, zoals 47 + 8 en 52 − 7. De meeste methodes leren dan springen op de getallenlijn: eerst naar het volgende tiental, dan de rest.

Later in het jaar komen sommen als 36 + 27 en 63 − 25. Je kind doet dan eerst de tientallen en daarna de eenheden. Op sommige scholen zetten kinderen zulke sommen aan het eind van het jaar al onder elkaar, per kolom. Dat heet kolomsgewijs rekenen.

Aan het eind van groep 4 maakt je kind plus- en minsommen tot 100, ook over het tiental. Een tussenstap op papier mag dan nog. Meer oefeningen vind je bij plus en min tot 100.

47 + 8: 47 + 3 = 50, dan nog 5 erbij: 55.

52 − 7: 52 − 2 = 50, dan nog 5 eraf: 45.

63 − 25: 63 − 20 = 43, dan nog 5 eraf: 38.

De eerste tafels en deelsommen

In groep 4 beginnen de tafels. Eerst leert je kind wat keer betekent: 3 × 4 is 3 groepjes van 4. Daarna komen de tafels van 1, 2, 3, 4, 5 en 10. De volgorde verschilt per methode.

Ook de eerste deelsommen komen aan bod, meestal als eerlijk verdelen: 12 snoepjes verdelen over 3 kinderen. Ieder krijgt er 4, dus 12 : 3 = 4. Wie de tafel van 3 kent, vindt dat antwoord snel. Zo hoort bij elke keertafel een deeltafel.

Aan het eind van groep 4 kent je kind deze tafels en kan het ze gebruiken. Hoe vlot ze dan uit het hoofd moeten, verschilt per school. Het trucje per tafel staat bij tafels oefenen.

3 × 4 = 3 groepjes van 4 = 4 + 4 + 4 = 12

12 : 3 = 4, want 4 × 3 = 12

Klokkijken, geld en meten

Bij klokkijken komen kwart over en kwart voor erbij. Op veel scholen leren kinderen in groep 4 ook al klokkijken per 5 minuten, zoals 10 over 3.

Bij geld rekenen ze met bedragen tot 100 euro: betalen, samen tellen en teruggeven, meestal nog met hele euro's. Bij meten werken ze met een liniaal in centimeters, en met de meter.

123456789101112
kwart voor 8De lange wijzer staat op de 9. Nog een kwartier, dan is het 8 uur.

De rekentoetsen van school: M4 en E4

De meeste scholen nemen halverwege het jaar (M4, rond januari of februari) en aan het eind (E4, rond juni) een rekentoets af uit hun leerlingvolgsysteem. Welke toets dat is, verschilt per school. Lees meer over de toetsen van school.

In de toets staan kale sommen, maar ook veel vragen bij een plaatje of een kort verhaaltje, zoals een prijslijstje of een klok. Je kind moet dan zelf bedenken welke som erbij hoort. Daardoor speelt lezen een grotere rol dan in groep 3. Oefen daarom ook redactiesommen voor groep 4.

Rekenwerkbladen groep 4, gratis om te printen

Om te printen, in zwart-wit. De antwoorden staan op de laatste pagina.

Rekenen in de groep ervoor en erna

  • Rekenen groep 3Tellen, splitsen en sommen tot 20, ook over de 10, en aan het eind de getallen tot 100.
  • Rekenen groep 5De tafels van 6, 7, 8 en 9, deelsommen, getallen tot 1000 en klokkijken op de minuut.

Veelgemaakte fouten bij rekenen in groep 4

  • Bij 52 − 7 rekenen kinderen 7 − 2 in plaats van 2 − 7, en komen ze op 55 uit. Laat je kind eerst terugspringen naar 50: 52 − 2 = 50, dan nog 5 eraf. Dat is 45.
  • De tafels opzeggen zonder ze te snappen. Je kind kent het rijtje, maar weet 7 × 5 niet los. Vraag de sommen door elkaar, en laat zien dat 7 × 5 zeven groepjes van 5 is.
  • Kwart over en kwart voor door elkaar halen. Bij kwart over staat de lange wijzer op de 3, bij kwart voor op de 9.
  • Getallen omdraaien bij het opschrijven: 46 wordt 64. Laat je kind het getal hardop zeggen en eerst de tientallen opschrijven.

Zo oefen je rekenen in groep 4 thuis

  • Oefen de tafels kort en vaak. Elke dag een paar minuten werkt meestal beter dan één keer lang. Met tafelspelletjes blijft het leuk.
  • Speel winkeltje met speelgeld of echt geld tot 100 euro: wat kost het samen, en hoeveel krijg je terug?
  • Vraag tussendoor de tijd, ook met kwartieren: hoe laat is het over een kwartier?
  • Gaan de eerste tafels en de sommen tot 20 goed, oefen dan op tempo bij automatiseren of met de rekenspelletjes groep 4, zoals de tafelrace.
  • Begin bij delen met eerlijk verdelen: 12 snoepjes voor 3 kinderen. Daarna kan je kind deelsommen oefenen met de tafels.
Voorkant van het rekenpakket groep 4

Rekenpakket groep 4

Plus en min tot 100, verhaaltjessommen, klok, geld en meten in zes weken. Elke dag een kort onderdeel, met uitleg voor jou en alle antwoorden.

Veelgestelde vragen over rekenen in groep 4

Wat leer je bij rekenen in groep 4?

Rekenen tot 100, ook over het tiental, zoals 47 + 8 en 52 − 7. De tafels van 1, 2, 3, 4, 5 en 10 en de eerste deelsommen. Klokkijken met kwartieren en vaak ook per 5 minuten, en rekenen met geld tot 100 euro.

Welke tafels leer je in groep 4?

Meestal de tafels van 1, 2, 3, 4, 5 en 10. De tafels van 6, 7, 8 en 9 volgen in groep 5. De volgorde verschilt per methode. Op de pagina tafels oefenen vind je het trucje per tafel.

Wat moet je kunnen aan het eind van groep 4 bij rekenen?

Plus- en minsommen tot 100 maken, ook over het tiental, zoals 36 + 27 en 63 − 25. De tafels van 1, 2, 3, 4, 5 en 10 kennen en gebruiken bij keer- en deelsommen. En klokkijken met hele en halve uren en kwartieren.

Rekenen groep 4 is moeilijk voor mijn kind. Wat kan ik doen?

Kijk eerst of de basis van groep 3 goed zit: splitsen tot 10 en sommen tot 20 over de 10. Zonder die basis wordt rekenen tot 100 lastig. Oefen die dan eerst, kort en vaak, en vraag de leerkracht waar je kind precies vastloopt. Blijft rekenen ook met veel oefenen erg moeizaam, dan kan de school met je kijken wat er speelt. Meer over de signalen lees je bij dyscalculie.

Waar vind ik een rekenblad voor groep 4?

Op deze pagina staan vier gratis rekenwerkbladen voor groep 4: plus over het tiental, min over het tiental, de tafels en kwartieren. Elk rekenblad print je in zwart-wit, met de antwoorden op de laatste pagina. Wil je meer rekensommen voor groep 4, dan geeft de oefening hierboven elke ronde andere sommen.

Past hier ook bij

Alles van rekenen vind je op rekenen oefenen. Per groep: groep 4.