De tafel van 3
Bij de tafel van 3 reken je steeds één groepje verder. Lastig zijn vooral 7, 8 en 9 keer 3.
Rijtje van de tafel van 3
- 1 × 3=3
- 2 × 3=6
- 3 × 3=9
- 4 × 3=12
- 5 × 3=15
- 6 × 3=18
- 7 × 3=21
- 8 × 3=24
- 9 × 3=27
- 10 × 3=30
Hardop: 3, 6, 9, 12, 15, 18, 21, 24, 27, 30
Tafel van 3 oefenen
Tien sommen door elkaar. Bij een fout krijg je een tip.
Het trucje: één groepje erbij
Weet je kind 3 × 3 = 9? Dan is 4 × 3 één groepje van 3 meer: 9 + 3 = 12. Zo reken je steeds vanuit een som die je al weet naar de volgende.
Begin bij de ankersommen die je kind al kent: 1 × 3, 2 × 3, 5 × 3 en 10 × 3. Daarmee reken je de rest uit.
Kent je kind de tafels van 1, 2, 5 en 10 al? Dan kent het door het omdraaien al 4 van de 10 sommen: 2 × 3 is evenveel als 3 × 2. Nieuw zijn nog 3 × 3, 4 × 3, 6 × 3, 7 × 3, 8 × 3 en 9 × 3.
Gratis werkblad tafel van 3
Twee werkbladen en een puzzelblad uit het tafelpakket groep 4, met de antwoorden erbij. Je kind rekent sommen uit met plaatjes en rijtjes en maakt daarna de puzzel.
Werkblad tafel van 3 (pdf, 4 pagina's)
Gratis printenOpent als pdf. Print in zwart-wit, de antwoorden staan op pagina 4.
Hier struikelen kinderen vaak over bij de tafel van 3
- 7 × 3, 8 × 3 en 9 × 3 zijn het lastigst. Reken 7 × 3 vanuit 5 × 3 = 15 en tel er 6 bij. Reken 8 × 3 en 9 × 3 vanuit 10 × 3 = 30 en haal er 6 of 3 af.
- Bij een groepje erbij tellen kinderen soms 1 bij het antwoord in plaats van 3. Dan wordt 4 × 3 ineens 10. Leg de som dan met knopen.
Spelletje voor tussendoor bij de tafel van 3
Loop samen door de gang. Bij elke stap zegt je kind het volgende getal uit de tafel van 3: 3, 6, 9 en zo verder.
Delen met de tafel van 3
Bij elke keersom hoort een deelsom. Weet je kind 4 × 3 = 12? Dan weet het ook 12 : 3 = 4. In groep 4 komen de eerste deelsommen meestal na de keersommen.
- 3 : 3 = 1
- 6 : 3 = 2
- 9 : 3 = 3
- 12 : 3 = 4
- 15 : 3 = 5
- 18 : 3 = 6
- 21 : 3 = 7
- 24 : 3 = 8
- 27 : 3 = 9
- 30 : 3 = 10
Alle tafels van groep 4 in zeven weken
Na de tafels van 1, 2, 10 en 5 krijgt de tafel van 3 een eigen week (week 5). Jij krijgt bij elke tafel een uitlegpagina, je kind werkbladen, flitskaarten, een tempotoets en een puzzelblad.
- Tien tot vijftien minuten per dag
- Eerst met plaatjes, dan uit het hoofd
- Alle antwoorden en een tafeldiploma
Vragen over de tafel van 3
Hoe leer je de tafel van 3 snel?
Begin bij de sommen die je kind al weet: 2 × 3, 5 × 3 en 10 × 3. Reken van daaruit één groepje verder of terug. 6 × 3 is 5 × 3 = 15 en nog 3, dus 18.
In welke groep leer je de tafel van 3?
Meestal in groep 4, na de tafels van 1, 2, 5 en 10.
Wat is 8 × 3?
8 × 3 = 24. Reken het vanuit 10 × 3 = 30 en haal er 2 × 3 = 6 af.
Andere tafels oefenen
- Tafel van 1
- Tafel van 2
- Tafel van 3
- Tafel van 4
- Tafel van 5
- Tafel van 6
- Tafel van 7
- Tafel van 8
- Tafel van 9
- Tafel van 10
- Tafel van 11 (extra)
- Tafel van 12 (extra)
Alle tafels door elkaar? Op tafels oefenen kies je zelf welke. Meer voor deze groep vind je bij rekenen groep 4.