Pakketten

Dyslexie bij kinderen

Dyslexie bij kinderen betekent dat lezen en spellen heel moeizaam blijven gaan, ook met goed onderwijs en extra hulp. Op deze pagina lees je wat dyslexie is, aan welke kenmerken je het kunt herkennen, wat school doet en wat jij thuis kunt doen. Deze pagina stelt geen diagnose: dat kan alleen een deskundige na onderzoek.

Liever op papier? Gratis werkbladen om te printen

Meestal in groep 3 tot en met 8

Oefenen: welk woord hoor je?

Twee oefeningen. Welk woord hoor je? is voor je kind: de site leest een woord voor, je kind kiest het woord dat het hoort. Klopt het? is voor jou: uitspraken over dyslexie die je vaak hoort. Deze oefeningen zijn geen test en zeggen niet of je kind dyslexie heeft.

Vraag 10 goed

Leren lezen groep 3 Zes weken met een plan, uitleg voor jou en alle antwoorden. € 6,95Bekijk pakket

Het belangrijkste over dyslexie

  • Dyslexie is een ernstig en hardnekkig probleem met lezen, spellen of allebei. Hardnekkig betekent: het wordt nauwelijks beter, ook niet met extra hulp.
  • Het heeft niets met intelligentie te maken.
  • Volgens Dyslexie Centraal heeft ongeveer 4 procent van de kinderen op de basisschool dyslexie.
  • School signaleert, geeft extra hulp en houdt een leerlingdossier bij. Dat dossier is nodig voor vergoed onderzoek.
  • Twijfel je? Praat eerst met de leerkracht of de intern begeleider.

Wat is dyslexie?

Bij dyslexie heeft een kind ernstige moeite met het vlot en goed lezen en spellen van woorden. Het kost veel tijd voor het de koppeling tussen letters en klanken onder de knie heeft, en die koppeling blijft moeite kosten. Het lezen gaat langzaam, met veel fouten, of allebei.

Belangrijk om te weten:

  • Het ligt niet aan inzet of intelligentie. Kinderen met dyslexie werken vaak juist heel hard.
  • Het zit in de verwerking van klanken. Volgens de Richtlijn Dyslexie is de best onderbouwde verklaring dat kinderen met dyslexie moeite hebben met het verwerken van spraakklanken.
  • Het is voor een groot deel erfelijk. Komt dyslexie voor bij een ouder, broer of zus, dan is de kans groter.
  • Niet elk kind dat moeilijk leest, heeft dyslexie. Een kind kan ook achterlopen door te weinig oefening, door slecht zien of horen, door een andere thuistaal of door problemen met aandacht.

Kenmerken van dyslexie per leeftijd

Deze kenmerken zijn geen bewijs. Veel kinderen herkennen zich in een of twee punten zonder dat ze dyslexie hebben. Het gaat erom of meerdere kenmerken samen voorkomen en of ze blijven, ook met extra hulp.

WanneerWat je kunt zien
Groep 1 en 2Moeite met rijmen en met klanken horen in een woord. Letters onthouden gaat lastig, ook de letters van de eigen naam. Dyslexie in de familie.
Groep 3Letters en klanken koppelen gaat traag en blijft wankel. Je kind raadt woorden in plaats van ze te lezen, of leest letter voor letter zonder er een woord van te maken.
Groep 4 en 5Lezen blijft langzaam en kost veel energie. Woorden die je kind gisteren wist, schrijft het vandaag weer fout. Je kind ziet op tegen hardop lezen.
Groep 6 tot en met 8Lange teksten bij zaakvakken en begrijpend lezen kosten veel tijd. Spelling blijft lastig, ook bij woorden die je kind kent. Engels lezen en schrijven is extra moeilijk. Je kind kan moe of onzeker worden van school.

Weet je niet zeker of het lezen van je kind normaal gaat? Bij technisch lezen en AVI-niveaus lees je wat je per groep ongeveer kunt verwachten.

Wat school doet bij leesproblemen en dyslexie

Veel basisscholen werken met de Protocollen Leesproblemen en Dyslexie van het Expertisecentrum Nederlands. Daarin staat hoe een school leesproblemen vroeg ziet en aanpakt. In het kort gaat het zo:

  1. Goed lees- en spellingonderwijs in de klas, voor alle kinderen.
  2. Extra oefening in de klas voor kinderen die achterblijven, bijvoorbeeld extra instructie aan de instructietafel.
  3. Extra hulp buiten de les om, vaak in een klein groepje of alleen, met een vaste aanpak en een vast plan. Dit heet op school vaak ondersteuningsniveau 3.
  4. Doorverwijzen naar zorg buiten school, als het lezen of spellen ondanks al die hulp ernstig achter blijft lopen.

Tijdens al die stappen meet school de vorderingen met de toetsen uit het leerlingvolgsysteem en schrijft op welke hulp je kind kreeg. Dat is het leerlingdossier. Vraag gerust of je het mag inzien. Meer over die toetsen lees je bij toetsen van school.

Dyslexieonderzoek en vergoede dyslexiezorg

Sinds 2015 regelen en betalen gemeenten de dyslexiezorg voor kinderen, op grond van de Jeugdwet. Niet elk kind met dyslexie komt daarvoor in aanmerking. De vergoeding is bedoeld voor ernstige dyslexie bij kinderen op de basisschool, vanaf ongeveer 7 jaar. Vroeger heette dit ernstige enkelvoudige dyslexie (EED). Sinds 2022 heet het ernstige dyslexie (ED).

Hoe het meestal gaat:

  • School stelt het leerlingdossier op en laat daarmee zien dat je kind ondanks de extra hulp zeer laag blijft scoren.
  • Vindt school dat er een vermoeden van ernstige dyslexie is, dan kun je je kind aanmelden bij een dyslexiezorgaanbieder die een contract heeft met jouw gemeente. Hoe die verwijzing precies loopt, verschilt per gemeente. School of de gemeente kan je dat vertellen.
  • Een psycholoog of orthopedagoog doet onderzoek. Is er sprake van ernstige dyslexie, dan volgt een vergoede behandeling.

Valt je kind buiten de regeling, of wil je eerder of zelf een onderzoek laten doen, dan betaal je het zelf. Ook zo'n onderzoek kan een dyslexieverklaring opleveren. Die verklaring kun je later ook op de middelbare school laten zien.

Let op: online dyslexietests kunnen geen dyslexie vaststellen. Ze geven hoogstens een indruk.

Wat je thuis kunt doen

Of je kind nu dyslexie heeft of (nog) niet: deze dingen helpen bijna altijd.

  • Blijf voorlezen. Zo houdt je kind plezier in verhalen en leert het nieuwe woorden, zonder dat het lezen zelf in de weg zit.
  • Lees kort en vaak samen. Tien minuten per dag werkt beter dan een uur in het weekend. Om de beurt een bladzijde lezen maakt het lichter.
  • Kies boeken op het niveau van je kind, over een onderwerp dat het leuk vindt. Een dun, makkelijk boek uitlezen geeft meer zelfvertrouwen dan een dik boek half lezen.
  • Laat ook luisteren. Luisterboeken zijn geen valsspelen: je kind volgt het verhaal en de woorden. Vraag bij de bibliotheek wat er is. Voor kinderen met een leesbeperking is er ook Bibliotheekservice Passend Lezen.
  • Prijs de inzet, niet alleen het resultaat. "Je hebt doorgezet bij die lastige bladzijde" doet meer dan "goed zo".
  • Stem af met school. Vraag welke aanpak de school gebruikt en oefen thuis op dezelfde manier. Zo raakt je kind niet in de war door twee verschillende methodes.

Voor spelling kun je thuis de regels van de groep van je kind rustig herhalen, bijvoorbeeld met spelling oefenen per groep.

Wanneer zoek je hulp?

Maak je je zorgen over het lezen of spellen van je kind? Wacht niet te lang en praat eerst met de leerkracht. Neem concreet mee wat je thuis ziet. Vraag ook of de intern begeleider kan aansluiten.

Goede vragen om te stellen:

  • Hoe scoort mijn kind op de lees- en spellingtoetsen, vergeleken met eerder?
  • Krijgt mijn kind extra hulp, hoe vaak en waarmee?
  • Wanneer kijken we samen of de hulp werkt?
  • Is er een leerlingdossier, en wat staat erin?

Ga naar de huisarts of het consultatiebureau als je ook twijfelt over het gehoor, de ogen, de taalontwikkeling of de concentratie van je kind. Die kunnen andere oorzaken uitsluiten of je verder verwijzen. Rekent je kind ook erg moeizaam? Lees dan ook over dyscalculie.

Werkbladen om te printen

Op het eerste werkblad kiest je kind het woord dat jij voorleest. De woorden staan op het tweede blad. Het tweede werkblad is voor ouders: klopt het of klopt het niet?

Kleine dingen die thuis veel verschil maken

  • Vertel je kind dat lezen voor hem of haar meer moeite kost, en dat dat niet aan slimheid ligt. Kinderen die snappen wat er aan de hand is, voelen zich minder dom.
  • Lees niet alles na wat je kind schrijft. Kies één ding om samen naar te kijken, bijvoorbeeld de woorden van de week.
  • Laat je kind huiswerk met veel tekst soms voorlezen, of lees het zelf voor. Zo kan het laten zien wat het weet.
  • Zoek dingen waar je kind goed in is en geef die ook aandacht. Zelfvertrouwen helpt bij alles wat moeilijk is.
Voorkant van het leren lezen groep 3

Leren lezen groep 3

Klanken, hakken en plakken, aa tot au, medeklinkers en eerste verhaaltjes in zes weken. Elke dag een kort onderdeel, met uitleg voor jou en alle antwoorden.

Vragen over dyslexie

Is dyslexie erfelijk?

Voor een groot deel wel. Als een ouder, broer of zus dyslexie heeft, is de kans groter dat een kind het ook heeft. Het is geen zekerheid: lang niet elk kind van een ouder met dyslexie krijgt het. Vertel de leerkracht wel als het in de familie voorkomt, zodat school extra goed oplet.

Vanaf welke leeftijd kun je dyslexie vaststellen?

Meestal niet eerder dan in groep 3 of 4. Dyslexie kan pas worden vastgesteld als duidelijk is dat het lezen of spellen hardnekkig achterblijft, ook met goed onderwijs en extra hulp. Signalen kun je soms wel al bij kleuters zien.

Wat kost een dyslexieonderzoek?

Bij een vermoeden van ernstige dyslexie bij een basisschoolkind betaalt de gemeente het onderzoek en de behandeling, als het kind aan de voorwaarden voldoet. Valt je kind daarbuiten, dan betaal je het zelf. De prijs verschilt per bureau. Vraag altijd vooraf een offerte.

Bestaat er een betrouwbare dyslexietest online?

Nee. Een online test kan geen dyslexie vaststellen. Dat kan alleen een psycholoog of orthopedagoog, met onderzoek en met het dossier van school. Maak je je zorgen, praat dan eerst met de leerkracht.

Wat is een dyslexieverklaring en wat heb je eraan?

Een dyslexieverklaring is een document van een deskundige waarin staat dat je kind dyslexie heeft. Op school kan je kind daarmee hulpmiddelen krijgen, zoals extra tijd bij toetsen of voorleessoftware. Welke dat zijn, bespreek je met de school.

Verder oefenen

Alles van lezen vind je op lezen oefenen. Per groep: groep 3, groep 4, groep 5, groep 6, groep 7 en groep 8.