Pakketten

Romeinse cijfers

Romeinse cijfers zijn de tekens I, V, X, L, C, D en M. Met die zeven letters schreven de Romeinen elk getal. Op deze pagina vind je een tabel, de vier regels en oefeningen om Romeinse cijfers om te zetten naar gewone getallen en terug.

Liever op papier? Gratis werkbladen om te printen

Meestal in groep 5 tot en met 8

Romeinse cijfers omzetten en oefenen

Kies een niveau. Bij lezen typ je een gewoon getal. Bij schrijven typ je de letters, hoofdletters mag maar hoeft niet. Bij een fout krijg je een tip.

Vraag 10 goed

Romeinse cijfers omzetten

Typ een getal (1 tot en met 3999) of Romeinse cijfers. Het antwoord verschijnt meteen.

Rekenpakket per groep: Voor dit onderwerp: het pakket van groep 5 tot en met 8. Zes weken met een plan, uitleg voor jou en alle antwoorden, € 6,95.Groep 5Groep 6Groep 7Groep 8

Het belangrijkste over Romeinse cijfers

Er zijn zeven Romeinse cijfers: I = 1, V = 5, X = 10, L = 50, C = 100, D = 500 en M = 1000.

  • Van groot naar klein tel je op: VI = 5 + 1 = 6.
  • Staat een kleiner teken vóór een groter, dan haal je het eraf: IV = 5 − 1 = 4.
  • Hoogstens drie dezelfde tekens achter elkaar: 3 = III, 4 = IV.

De vier regels van Romeinse cijfers

  1. Van groot naar klein: optellen. XVI = 10 + 5 + 1 = 16. MDC = 1000 + 500 + 100 = 1600.
  2. Klein vóór groot: aftrekken. IX = 10 − 1 = 9. XC = 100 − 10 = 90.
  3. Hoogstens drie dezelfde tekens achter elkaar. 3 = III, maar 4 is niet IIII. Je schrijft IV.
  4. V, L en D komen nooit twee keer achter elkaar en staan nooit vóór een groter teken. 10 is X, niet VV.

Bij regel 2 mogen alleen deze zes paren: IV (4), IX (9), XL (40), XC (90), CD (400) en CM (900). Daarom is 99 niet IC, maar XCIX: 90 + 9.

Romeinse cijfers tabel

In deze tabel staan de getallen die je het meest tegenkomt. Met de tientallen en honderdtallen kun je ook grotere getallen opbouwen.

1 tot en met 1011 tot en met 20TientallenHonderdtallen
1 = I11 = XI10 = X100 = C
2 = II12 = XII20 = XX200 = CC
3 = III13 = XIII30 = XXX300 = CCC
4 = IV14 = XIV40 = XL400 = CD
5 = V15 = XV50 = L500 = D
6 = VI16 = XVI60 = LX600 = DC
7 = VII17 = XVII70 = LXX700 = DCC
8 = VIII18 = XVIII80 = LXXX800 = DCCC
9 = IX19 = XIX90 = XC900 = CM
10 = X20 = XX100 = C1000 = M

Duizend is M, 2000 is MM en 3000 is MMM. Hoger ga je met deze tekens niet: het grootste getal is 3999, MMMCMXCIX. De Romeinen kenden ook geen teken voor 0.

Tabel Romeinse cijfers 1 tot en met 100

Zoek je een getal tot 100 op? In deze tabel staan ze allemaal. Kijk eens naar 4, 9, 40, 49 en 90: daar staat een klein teken vóór een groter teken.

1 tot 2021 tot 4041 tot 6061 tot 8081 tot 100
1 = I21 = XXI41 = XLI61 = LXI81 = LXXXI
2 = II22 = XXII42 = XLII62 = LXII82 = LXXXII
3 = III23 = XXIII43 = XLIII63 = LXIII83 = LXXXIII
4 = IV24 = XXIV44 = XLIV64 = LXIV84 = LXXXIV
5 = V25 = XXV45 = XLV65 = LXV85 = LXXXV
6 = VI26 = XXVI46 = XLVI66 = LXVI86 = LXXXVI
7 = VII27 = XXVII47 = XLVII67 = LXVII87 = LXXXVII
8 = VIII28 = XXVIII48 = XLVIII68 = LXVIII88 = LXXXVIII
9 = IX29 = XXIX49 = XLIX69 = LXIX89 = LXXXIX
10 = X30 = XXX50 = L70 = LXX90 = XC
11 = XI31 = XXXI51 = LI71 = LXXI91 = XCI
12 = XII32 = XXXII52 = LII72 = LXXII92 = XCII
13 = XIII33 = XXXIII53 = LIII73 = LXXIII93 = XCIII
14 = XIV34 = XXXIV54 = LIV74 = LXXIV94 = XCIV
15 = XV35 = XXXV55 = LV75 = LXXV95 = XCV
16 = XVI36 = XXXVI56 = LVI76 = LXXVI96 = XCVI
17 = XVII37 = XXXVII57 = LVII77 = LXXVII97 = XCVII
18 = XVIII38 = XXXVIII58 = LVIII78 = LXXVIII98 = XCVIII
19 = XIX39 = XXXIX59 = LIX79 = LXXIX99 = XCIX
20 = XX40 = XL60 = LX80 = LXXX100 = C

Jaartallen in Romeinse cijfers: 1990 tot en met 2030

Een geboortejaar of het jaar van nu in Romeinse cijfers? Dat vragen kinderen vaak. Alle jaren van 1990 tot en met 2030 staan in deze tabel. Elk jaartal begint met M (1000). Daarna komt CM (900) of M (nog eens 1000), en dan de tientallen en eenheden.

1990 tot 19992000 tot 20092010 tot 20192020 tot 2030
1990 = MCMXC2000 = MM2010 = MMX2020 = MMXX
1991 = MCMXCI2001 = MMI2011 = MMXI2021 = MMXXI
1992 = MCMXCII2002 = MMII2012 = MMXII2022 = MMXXII
1993 = MCMXCIII2003 = MMIII2013 = MMXIII2023 = MMXXIII
1994 = MCMXCIV2004 = MMIV2014 = MMXIV2024 = MMXXIV
1995 = MCMXCV2005 = MMV2015 = MMXV2025 = MMXXV
1996 = MCMXCVI2006 = MMVI2016 = MMXVI2026 = MMXXVI
1997 = MCMXCVII2007 = MMVII2017 = MMXVII2027 = MMXXVII
1998 = MCMXCVIII2008 = MMVIII2018 = MMXVIII2028 = MMXXVIII
1999 = MCMXCIX2009 = MMIX2019 = MMXIX2029 = MMXXIX
2030 = MMXXX

Een ander jaartal zet je met de omzetter bovenaan deze pagina om, of je splitst het zelf: 1987 = 1000 + 900 + 80 + 7 = MCMLXXXVII.

Romeinse cijfers omzetten naar een gewoon getal

Lees van links naar rechts en kijk steeds naar het volgende teken. Is het volgende teken groter, dan hoort het kleine teken erbij als min. Anders tel je het op.

MCMXLVII omzetten

M = 1000

CM = 1000 − 100 = 900

XL = 50 − 10 = 40

VII = 5 + 1 + 1 = 7

Samen: 1000 + 900 + 40 + 7 = 1947

Een getal omrekenen naar Romeinse cijfers

Andersom splits je het getal eerst in duizendtallen, honderdtallen, tientallen en eenheden. Dat kent je kind van het splitsen en van rekenen in groep 5, waar de getallen tot 1000 aan bod komen. Elk deel zoek je op in de tabel en je zet ze achter elkaar.

  • 2026 = 2000 + 20 + 6 = MM + XX + VI = MMXXVI
  • 1984 = 1000 + 900 + 80 + 4 = M + CM + LXXX + IV = MCMLXXXIV
  • 49 = 40 + 9 = XL + IX = XLIX

Een veelgemaakte fout is 49 schrijven als IL, want 50 − 1 = 49. Dat mag niet: I mag alleen vóór V en X. Splitsen voorkomt die fout.

Waar zie je Romeinse cijfers?

Kinderen komen Romeinse cijfers vaker tegen dan je denkt. Vraag eens of je kind ze herkent:

  • Op een klok. Op veel klokken met Romeinse cijfers staat bij de 4 IIII in plaats van IV. Dat is een oude gewoonte van klokkenmakers. Bij het klokkijken helpt het als je kind weet dat beide 4 betekenen.
  • Op gebouwen. Boven deuren en op gevels staat vaak het bouwjaar, zoals MDCCCLXXX (1880).
  • Bij koningen en koninginnen. Willem III betekent: de derde koning die Willem heette. Bij geschiedenis, zoals bij de tijdvakken, kom je ze vaak tegen.
  • In boeken en films. Hoofdstuknummers en jaartallen aan het eind van een film.

Gratis werkbladen Romeinse cijfers

Om te printen, in zwart-wit. De antwoorden staan op de laatste pagina.

Romeinse cijfers: in welke groep?

  • Groep 5Bij sommige methodes de eerste kennismaking: I, V en X lezen tot 20.
  • Groep 6Romeinse cijfers tot 100 lezen en schrijven, met de regels voor optellen en aftrekken.
  • Groep 7Grotere getallen en jaartallen, ook bij geschiedenis.
  • Groep 8Herhalen, vooral jaartallen bij geschiedenis en grote getallen zoals MCMXCIX.

Lastige punten bij Romeinse cijfers

  • IV en VI door elkaar halen. Laat je kind steeds vragen: staat de I links of rechts van de V? Links is min, rechts is plus.
  • Vier dezelfde tekens achter elkaar, zoals XXXX voor 40. Wijs op regel 3: het moet XL worden.
  • Zelf aftrekpaartjes verzinnen, zoals IC voor 99 of VL voor 45. Splitsen in tientallen en eenheden voorkomt dat.
  • Grote getallen in één keer willen lezen. Laat je kind eerst strepen zetten tussen de delen: M | CM | XL | VII.

Tips om thuis met Romeinse cijfers te oefenen

  • Zoek samen Romeinse cijfers in huis en op straat: op klokken, gevels, in boeken. Wie vindt het oudste jaartal?
  • Schrijf het geboortejaar van iedereen in het gezin in Romeinse cijfers. Wie heeft de meeste tekens nodig?
  • Maak een geheimschrift: schrijf de huiswerkopgaven of de tijd waarop het eten klaar is in Romeinse cijfers.
Rekenpakket per groep: Voor dit onderwerp: het pakket van groep 5 tot en met 8. Zes weken met een plan, uitleg voor jou en alle antwoorden, € 6,95.Groep 5Groep 6Groep 7Groep 8

Wat ouders vragen over Romeinse cijfers

Hoe lees je Romeinse cijfers?

Tel de tekens van links naar rechts op. Staat er een kleiner teken vóór een groter teken, dan haal je het kleine eraf. XIV = 10 + (5 − 1) = 14.

Wat is 4 in Romeinse cijfers?

4 is IV: 5 min 1. Op veel klokken zie je ook IIII. Dat is een oude gewoonte. In de rekenles schrijf je IV.

Hoe schrijf je 2026 in Romeinse cijfers?

2026 is MMXXVI. Splits het getal: 2000 = MM, 20 = XX en 6 = VI. Zet ze achter elkaar.

Wat is 50 in Romeinse cijfers?

50 is L. 40 is XL en 60 is LX. 500 is D.

Wat is het grootste getal in Romeinse cijfers?

Met de gewone tekens is dat 3999: MMMCMXCIX. Voor nog grotere getallen gebruikten de Romeinen andere schrijfwijzen, maar die leer je niet op de basisschool.

Verder oefenen

Alles van rekenen vind je op rekenen oefenen. Per groep: groep 5, groep 6, groep 7 en groep 8.