Pakketten

Dictee groep 5

Dictee groep 5 bestaat uit langere woorden, zoals zenuwachtig, kalveren en lammetje, en uit zinnen. De computer leest voor en je kind typt. Kies een niveau, of print een voorleeslijst om zelf voor te lezen.

Liever op papier? Gratis werkbladen om te printen

Dictee groep 5 oefenen

Druk op Lees voor en typ het woord. Bij Zinnen typ je de hele zin. Hoofdletters en de punt aan het eind tellen niet mee.

Vraag 10 goed

Spellingpakket groep 5 Zes weken met een plan, uitleg voor jou en alle antwoorden. € 6,95Bekijk pakket

Het belangrijkste over dictee in groep 5

In groep 5 worden de dictees langer en lastiger. Er zitten woorden in met -⁠ig, -⁠lijk, -⁠heid en -⁠tie, woorden met een v of z in het midden en verkleinwoorden. Ook het zinnendictee wordt belangrijker: dan let je kind op spelling, hoofdletters en leestekens tegelijk.

Een dictee thuis in groep 5

In groep 5 schrijft je kind vlot genoeg voor vijftien tot twintig woorden, of zes tot acht zinnen. Wat helpt:

  • Lees in een rustig tempo, niet overdreven duidelijk. Zeg gezellig zoals je het altijd zegt, niet ge-zel-lig.
  • Gebruik een zin die het woord duidelijk maakt. Bij raven helpt "Raven zijn zwarte vogels" meer dan "Ik zie raven".
  • Laat je kind na afloop alles nalezen. Vraag bij elk woord: welke regel hoort hierbij?

Welke woorden in een dictee in groep 5?

De dicteewoorden in groep 5 komen uit de categorieën van dit jaar, met woorden uit groep 3 en 4 erdoorheen.

RegelVoorbeelden
-⁠ig en -⁠lijkstevig, zielig, hopelijk
-⁠heid en -⁠tieveiligheid, traditie
v en z in het middenkalveren, druiven, kazen
verkleinwoordenlammetje, filmpje, tafeltje

Lees de regels na bij spelling groep 5.

Het zinnendictee in groep 5

Bij een zinnendictee schrijft je kind een hele zin. Daarin zitten lastige woorden, maar ook gewone woordjes als heel, wij en naar. Juist daar gaan in groep 5 veel fouten in, omdat je kind er niet bij nadenkt.

Zeg de zin een keer helemaal, en dan nog een keer langzaam. Laat je kind na het schrijven de zin hardop teruglezen, woord voor woord, met een vinger eronder.

De poes ligt gezellig op de bank.

Let op: ligt met gt en gezellig met -⁠ig.

Gratis voorleeslijsten dictee groep 5

Print de lijst. Je kind schrijft op het eerste blad. Op het tweede blad staan de woorden en zinnen om voor te lezen.

Veelgemaakte fouten bij dictee in groep 5

  • Je kind schrijft de woorden zoals jij ze uitspreekt, ook als je ze overdrijft. Spreek dus normaal uit. Zeg gezellig, niet ge-zel-lich.
  • Bij verkleinwoorden schrijft je kind wat het hoort: lammetje gaat goed, maar filmtje in plaats van filmpje gaat mis. Laat je kind het grote woord eerst opschrijven.
  • In een zinnendictee gaan juist de makkelijke woordjes fout. Laat je kind na het schrijven alle woorden teruglezen, niet alleen de lastige.

Tips om thuis met dictee in groep 5 te oefenen

  • Neem een zin uit het leesboek van je kind als dictee. Dan zie je kind daarna meteen hoe het goed is.
  • Doe een dictee van vijf woorden tijdens het koken of in de auto. Je kind spelt het woord hardop. Ook dat is oefenen.
  • Houd een lijstje bij van woorden die vaak fout gaan. Neem ze in het volgende dictee weer mee.
  • Na een dictee iets luchtigs? In een woordzoeker groep 5 ziet je kind lange woorden nog een keer goed geschreven staan.
Voorkant van het spellingpakket groep 5

Spellingpakket groep 5

-⁠ig en -⁠lijk, -⁠heid en -⁠tie, f/v en s/z, verkleinwoorden en be-, ge-, ver- in zes weken. Elke dag een kort onderdeel, met uitleg voor jou en alle antwoorden.

Wat ouders vragen over dictee in groep 5

Wat is het verschil tussen een woorddictee en een zinnendictee?

Bij een woorddictee schrijft je kind alleen het woord dat je voorleest. Bij een zinnendictee schrijft het de hele zin, met hoofdletter en punt. Dat is moeilijker, omdat je kind aan meer dingen tegelijk moet denken.

Hoeveel woorden geef je in een dictee in groep 5?

Thuis zijn tien tot twintig woorden genoeg, of zes tot acht zinnen. Liever een paar keer per week een kort dictee dan één keer een heel lang dictee.

Hoe kijk ik een dictee na met mijn kind?

Laat je kind eerst zelf nakijken met de goede woorden ernaast. Praat daarna over de fouten: bij welke regel hoort dit woord? Schrijf het woord samen goed op en vraag het een paar dagen later nog een keer.

Verder oefenen

Alles van taal vind je op taal oefenen. Per groep: groep 5.