Redactiesommen groep 5
Redactiesommen groep 5 gaan vaak over keer en delen, over geld en over tijd. Hoeveel zakjes van 6 kun je vullen met 40 snoepjes, en hoeveel blijven er over? Dat soort sommen.
Liever op papier? Gratis werkbladen om te printen
Redactiesommen groep 5 oefenen
Lees het verhaaltje goed. Typ alleen het getal. Bij geld mag je een komma gebruiken, zoals 4,50.
Het belangrijkste over redactiesommen in groep 5
In groep 5 kennen kinderen alle tafels en gaan ze ermee rekenen in verhaaltjes. Er komen deelsommen met een rest bij, sommen met euro's en centen, en sommen met tijd. Steeds vaker zitten er twee stappen in één verhaaltje.
Redactiesommen in groep 5: wat komt aan bod?
In groep 5 oefenen kinderen de tafels van 6, 7, 8 en 9, en daarmee ook deelsommen. In de verhaaltjes zie je dat terug. Daarnaast gaan veel redactiesommen over geld en tijd.
- Keer en delen: rijen, groepjes en eerlijk verdelen, ook met grotere getallen zoals 9 × 12.
- Delen met rest: wat doe je met wat overblijft? Soms laat je het weg, soms heb je nog een extra auto of bus nodig.
- Geld: betalen, samen optellen en wisselgeld, met euro's en centen.
- Tijd: hoe lang duurt iets, en hoeveel minuten zitten er in een uur.
Verhaaltjes worden langer en hebben vaker twee stappen. Het helpt als je kind leert om eerst te zeggen wat er gevraagd wordt.
Voorbeeld 1: delen met een rest
Bij deze som is het antwoord van de deelsom niet meteen het goede antwoord. Je moet nadenken wat je met de rest doet.
In een auto passen 4 kinderen. Hoeveel auto's zijn er nodig voor 30 kinderen?
- Wat wordt er gevraagd? Hoeveel auto's er nodig zijn.
- Welke som? 30 kinderen verdelen in groepjes van 4: 30 : 4.
- Uitrekenen: 7 × 4 = 28. Er blijven 2 kinderen over.
- Nadenken: die 2 kinderen moeten ook mee. Dus nog een auto erbij.
- Antwoord: er zijn 8 auto's nodig.
Voorbeeld 2: wisselgeld in twee stappen
Veel geldsommen hebben twee stappen. Eerst reken je uit wat het kost, daarna hoeveel je terugkrijgt. Op school leren kinderen wisselgeld vaak door verder te tellen, net als in een winkel.
Papa koopt 2 kaartjes voor de film van € 7,50. Hij betaalt met € 20. Hoeveel krijgt hij terug?
- Wat wordt er gevraagd? Hoeveel geld papa terugkrijgt.
- Stap 1: wat kosten 2 kaartjes? 2 × € 7,50 = € 15.
- Stap 2: van € 15 tot € 20 is € 5.
- Antwoord: papa krijgt € 5 terug.
- Klopt het? € 15 + € 5 = € 20. Ja.
Voorbeeld 3: rekenen met tijd
Bij tijd rekenen kinderen niet tot 100, maar tot 60. Dat gaat vaak mis. Laat je kind verder tellen op een klok of een tijdlijn.
De gymles begint om 10:15 en is om 11:00 klaar. Hoeveel minuten duurt de gymles?
- Wat wordt er gevraagd? Hoe lang de gymles duurt, in minuten.
- Tel verder: van 10:15 tot 10:30 is 15 minuten, van 10:30 tot 11:00 is 30 minuten.
- Uitrekenen: 15 + 30 = 45.
- Antwoord: de gymles duurt 45 minuten.
Gratis werkbladen redactiesommen groep 5
Om te printen, in zwart-wit. De antwoorden staan op de laatste pagina.
- Keer en delengroep 5, pdf met antwoordenGratis printen
- Geld en tijdgroep 5, pdf met antwoordenGratis printen
Waar kinderen bij redactiesommen in groep 5 vaak op vastlopen
- Bij delen met rest schrijven kinderen gewoon het antwoord van de deelsom op. Vraag: wat gebeurt er met wat overblijft? Moeten die kinderen ook mee?
- Bij tijd rekenen ze alsof een uur 100 minuten heeft. Van 8:50 tot 9:10 wordt dan 60 minuten in plaats van 20. Tel samen verder op een klok.
- Bij geld gaat de komma mis: € 1,50 + € 0,70 wordt € 1,120. Laat je kind de euro's en de centen apart optellen.
- Bij twee stappen stopt je kind na de eerste stap. Vraag aan het eind: is dit antwoord echt waar de vraag over gaat?
Tips om thuis met redactiesommen in groep 5 te oefenen
- Laat je kind afrekenen in de winkel of op de markt, en vraag vooraf hoeveel geld je terugkrijgt.
- Reken met echte tijden: "We gaan om kwart over 4 weg en het is nu 4 uur. Hoeveel minuten nog?"
- Verdeel samen iets eerlijk, zoals een zak mandarijnen of de knikkers. Wat doe je met wat overblijft?
- Kent je kind de tafels nog niet vlot? Oefen die dan eerst los, bijvoorbeeld bij tafels oefenen.
- Gaan de deelsommen in de verhaaltjes nog lastig? Oefen ze dan eerst los bij deelsommen oefenen, ook delen met rest.

Rekenpakket groep 5
Getallen tot 1000, plus en min, delen, klok, geld en breuken in zes weken. Elke dag een kort onderdeel, met uitleg voor jou en alle antwoorden.
Wat ouders vragen over redactiesommen in groep 5
Welke redactiesommen krijgt mijn kind in groep 5?
Vooral verhaaltjes met keer en delen, met geld en met tijd. Er komen deelsommen met een rest bij en steeds vaker sommen met twee stappen.
Hoe leert mijn kind wat het met een rest moet doen?
Laat je kind het verhaal er weer bij pakken. Gaat het om auto's of bussen, dan moeten de kinderen die overblijven ook mee: je hebt er dus een extra nodig. Gaat het om volle zakjes of teams, dan tel je alleen de volle mee.
Mag mijn kind een tekening maken bij een redactiesom?
Ja, graag zelfs. Een tekening, een getallenlijn of een klok helpt om te zien wat er gebeurt. Op school leren kinderen dat ook.
Waarom is rekenen met tijd zo lastig?
Een uur heeft 60 minuten, niet 100. Kinderen zijn gewend om in tientallen te rekenen. Tel daarom verder op een klok: eerst naar het hele of halve uur, dan verder.
Verder oefenen
Alles van rekenen vind je op rekenen oefenen. Per groep: groep 5.

