Pakketten

Rekenen groep 1 en 2

Rekenen in groep 1 en 2 is vooral spelen met getallen: tellen, hoeveelheden zien, vergelijken, vormen en patronen. Sommen op papier komen pas in groep 3. De oefening hieronder werkt met plaatjes, en met Lees voor hoort je kleuter de vraag.

Liever op papier? Gratis werkbladen om te printen

Meestal in groep 1 en 2

Oefeningen voor groep 1 en 2

Druk op Lees voor of lees zelf voor. Je kind tikt op het goede antwoord. Bij een fout krijg je een tip.

Vraag 10 goed

Kleuterpakket groep 1 en 2 Zes weken met een plan, uitleg voor jou en alle antwoorden. € 6,95Bekijk pakket

Het belangrijkste over rekenen in groep 1 en 2

Bij rekenen in groep 2 en groep 1 krijgen kinderen nog geen sommen op papier. Ze leren door te spelen, in de kring en in de hoeken. Dit komt meestal aan bod:

  • Tellen: het rijtje opzeggen en bij elk ding één getal zeggen.
  • Getalbeelden: zien hoeveel het er zijn zonder te tellen, zoals op een dobbelsteen.
  • Vergelijken: meer, minder en evenveel.
  • Vormen en patronen: cirkel, vierkant, driehoek en rechthoek, en rijtjes die zich herhalen.

Liever op papier? Print de werkbladen voor groep 1 en 2.

Wat leert je kind bij rekenen in groep 1 en 2?

In de kleutergroepen is rekenen geen apart vak met een werkboek. Kinderen leren het tijdens het spelen, in de kring, in de bouwhoek en bij de spelletjes. De leerkracht werkt vaak in thema's, zoals de supermarkt of de herfst, en verwerkt het rekenen daarin.

Op school heet dit ook wel voorbereidend rekenen. Het gaat om de basis waar je kind in groep 3 op verder bouwt:

  • tellen en getallen herkennen;
  • hoeveelheden zien en vergelijken;
  • woorden als meer, minder, evenveel, eerste en laatste;
  • vormen, patronen en ruimte: boven, onder, naast, voor en achter;
  • meten door te vergelijken: wat is langer, zwaarder of groter?

In groep 1 ligt de nadruk op tellen en spelen. In groep 2 komt er meer bij, zoals verder tellen en de eerste splitsingen. Wat je kind precies doet, verschilt per school.

Tellen: meer dan het rijtje opzeggen

Tellen lijkt simpel, maar je kind leert hier eigenlijk drie dingen:

  1. Het rijtje opzeggen: één, twee, drie, vier. Veel kleuters kunnen dat al ver, als een liedje.
  2. Bij elk ding één getal: wijzen en tellen tegelijk, zonder iets over te slaan of twee keer te tellen.
  3. Het laatste getal is hoeveel: na het tellen weet je kind dat er 6 appels zijn, zonder opnieuw te tellen.

Later leert je kind ook verder tellen vanaf een ander getal dan 1 (vanaf 4: vijf, zes, zeven) en terugtellen, zoals bij het aftellen voor een raket.

🍎🍎🍎🍎🍎🍎
Hoeveel appels?Bovenaan staan er 5. Er is er nog 1, dus 6. In rijtjes van 5 ziet je kind sneller hoeveel het er zijn.

Getalbeelden: zien zonder te tellen

Een getalbeeld is een vaste manier om een aantal te laten zien, zoals de stippen op een dobbelsteen, de vingers van je hand of de kralen op een rekenrek. Kinderen leren die beelden herkennen zonder te tellen. Dat heet ook wel in één keer zien.

Dat is belangrijk voor later. Een kind dat in één keer ziet dat een hand 5 vingers is, rekent in groep 3 makkelijker met 5 en nog 2 is 7. Daarna komt splitsen oefenen: 7 is 5 en 2, maar ook 4 en 3.

Naast rekenen spelen kleuters ook veel met taal. Dat lees je bij rijmen en klanken en bij letters leren.

Vijf op de dobbelsteenVier stippen in de hoeken en één in het midden. Kleuters leren dit beeld herkennen zonder te tellen.

Meer, minder, vormen en patronen

Vergelijken doe je kind de hele dag: wie heeft er meer snoepjes, welke toren is hoger? Let op: een lange rij is niet altijd meer. Leg 5 knopen ver uit elkaar en 5 knopen dicht bij elkaar. Veel kleuters denken dat de lange rij meer is. Door ze één op één naast elkaar te leggen, ziet je kind dat het evenveel is.

Bij vormen leren kleuters de cirkel, het vierkant, de driehoek en de rechthoek herkennen en benoemen. Een vierkant blijft een vierkant, ook als het scheef ligt.

Bij patronen zien kinderen wat zich herhaalt: rood, blauw, rood, blauw. Wie het patroon snapt, kan zeggen wat er daarna komt. Patronen zijn een eerste stap naar rekenen met regelmaat, zoals later bij tellen in sprongen.

Wat kan je kind aan het eind van groep 2?

Er is geen vaste lijst die voor elke school geldt. Veel scholen werken naar ongeveer dit toe:

  • tellen tot ongeveer 20, en terugtellen vanaf 10;
  • hoeveelheden tot 10 tellen en de cijfers tot 10 herkennen;
  • de dobbelsteen in één keer zien;
  • meer, minder en evenveel goed gebruiken;
  • de eerste splitsingen, zoals 5 is 3 en 2.

Elk kind gaat in zijn eigen tempo. Het ene kind telt in groep 1 al tot 30, het andere heeft daar groep 2 voor nodig. De meeste scholen volgen kleuters door ze te observeren. Wil je weten hoe het bij jouw kind gaat, vraag het dan aan de leerkracht. In groep 3 begint het echte rekenen, met sommen tot 20. Wat daar aan bod komt, lees je bij rekenen groep 3.

Gratis werkbladen rekenen groep 1 en 2

Om te printen, in zwart-wit. Lees de vraag voor, je kind zet een kringetje om het goede antwoord of schrijft het getal op. De antwoorden staan op de laatste pagina.

Groep 1, groep 2 en daarna

  • Groep 1Tellen tot ongeveer 10, kleine hoeveelheden zien, meer en minder, en vormen herkennen. Alles in spel en liedjes.
  • Groep 2Verder tellen tot ongeveer 20, ook terugtellen, de cijfers tot 10, de dobbelsteen in één keer zien, patronen en de eerste splitsingen.
  • Rekenen groep 3Splitsen tot 10, plus en min tot 20 en aan het eind de getallen tot 100.

Waar kinderen bij rekenen in groep 1 en 2 vaak op vastlopen

  • Je kind telt sneller dan het wijst, en slaat zo iets over of telt iets dubbel. Laat het elk ding aanraken of opzij schuiven tijdens het tellen.
  • Na het tellen weet je kind niet hoeveel het er zijn en begint het opnieuw. Vraag na het tellen: "Dus hoeveel zijn het?" en herhaal samen het laatste getal.
  • Een lange rij lijkt meer dan een korte rij, ook als het er evenveel zijn. Leg de dingen samen één op één naast elkaar.
  • Een vierkant dat scheef ligt, noemt je kind geen vierkant meer. Draai samen een vierkant blokje rond en laat zien dat het hetzelfde blijft.

Tips om thuis met rekenen in groep 1 en 2 te oefenen

  • Tel samen wat je doet: de traptreden, de borden bij het tafeldekken, de knoppen van een jas. Tel ook eens terug.
  • Speel spelletjes met een dobbelsteen, zoals ganzenbord. Je kind ziet de ogen steeds vaker in één keer.
  • Rijg kralen of leg blokjes in een patroon: rood, geel, rood, geel. Laat je kind het patroon afmaken, en daarna zelf een patroon bedenken.
  • Ga op vormenjacht in huis: wat is rond, wat heeft vier hoeken? Een bord, een deur, een raam, een boterham.
Voorkant van het kleuterpakket groep 1 en 2

Kleuterpakket groep 1 en 2

Tellen, meer en minder, vormen, rijmen, klanken, letters en lijnen in zes weken. Elke dag een kort onderdeel, met uitleg voor jou en alle antwoorden.

Wat ouders vragen over rekenen in groep 1 en 2

Wat leert je kind bij rekenen in groep 2?

Tellen tot ongeveer 20 en terug, hoeveelheden tot 10 herkennen, de cijfers tot 10, meer en minder, vormen en patronen, en vaak de eerste splitsingen tot 5 of 10. Er zijn nog geen sommen op papier. Je kind leert het in spel en in de kring.

Tot hoeveel moet een kind kunnen tellen in groep 2?

Veel kinderen tellen aan het eind van groep 2 tot ongeveer 20. Belangrijker dan hoe ver je kind het rijtje kan opzeggen, is of het goed telt: bij elk ding één getal, en weten dat het laatste getal zegt hoeveel het er zijn.

Hoe oefen ik rekenen met mijn kleuter?

Kort, en als spelletje. Tel samen in huis en buiten, speel dobbelspelletjes, maak patronen met kralen en zoek vormen. Op deze pagina kun je ook samen oefenen met plaatjes. Vijf minuten per keer is genoeg.

Moet mijn kleuter al sommen kunnen maken?

Nee. Plus en min tot 20 leert je kind in groep 3. In groep 2 doen sommige kinderen al kleine erbij- en eraf-spelletjes met echte dingen, zoals 3 knikkers en er komt er 1 bij. Dat is mooi, maar het hoeft niet.

Wat zijn getalbeelden?

Vaste plaatjes van een aantal, zoals de stippen op een dobbelsteen, vingers of de kralen op een rekenrek. Kleuters leren zo'n beeld in één keer te herkennen, zonder te tellen. Dat maakt rekenen in groep 3 makkelijker.

Verder oefenen

Alles van rekenen vind je op rekenen oefenen. Per groep: groep 1 en 2.