Rekenen groep 3 oefenen
Rekenen in groep 3 draait om tellen, splitsen en sommen tot 20. Aan het eind van het jaar komen de getallen tot 100 erbij. Splitsen lijkt een klein onderwerp, maar bijna alle sommen van dit jaar bouwen erop.
Liever op papier? Gratis werkbladen om te printen
Rekensommen groep 3 oefenen
Kies een onderdeel. Je kind maakt tien sommen. Bij een fout krijg je een tip.
Kort uitgelegd: rekenen in groep 3
Dit leert je kind meestal bij rekenen in groep 3:
- Getallen tot 20, en later tot 100: tellen, vergelijken en op de getallenlijn zetten
- Splitsen tot 10, de basis voor alle sommen
- Plus en min tot 20, ook over de 10 heen, zoals 8 + 5 en 13 − 6
- Dubbelen en helften, klokkijken met hele en halve uren, en kleine bedragen met geld
Getallen tot 20 en tot 100
Je kind leert eerst de getallen tot 20 goed kennen: tellen, terugtellen, zeggen welk getal meer of minder is en getallen op een getallenlijn zetten. Veel methodes gebruiken daarbij een rekenrek: twee rijen van tien kralen, steeds vijf rood en vijf wit. Zo zie je meteen dat 13 hetzelfde is als 10 en nog 3.
In de tweede helft van het jaar gaan de getallen door tot 100. Kinderen tellen in sprongen van 10 en leren dat 46 bestaat uit 4 tientallen en 6 losse eenheden.
Aan het eind van groep 3 kan je kind meestal tellen tot 100 en zeggen welk getal ervoor en erna komt.
Splitsen: de basis voor alle sommen
Splitsen betekent een getal in twee delen verdelen: 7 is 5 en 2, maar ook 4 en 3. Op school gebruiken ze daarvoor vaak een splitshuis of een splitsboom. Je kind leert alle splitsingen tot en met 10.
Het belangrijkst zijn de splitsingen van 10, op veel scholen de vriendjes van 10 genoemd. Die heeft je kind straks nodig bij sommen over de 10.
Aan het eind van groep 3 gaan de splitsingen tot 10 het liefst uit het hoofd, zonder tellen. Meer uitleg en oefeningen vind je bij tellen en splitsen.
De vriendjes van 10
| 10 is | 9 en 1 |
|---|---|
| 10 is | 8 en 2 |
| 10 is | 7 en 3 |
| 10 is | 6 en 4 |
| 10 is | 5 en 5 |
Plus en min tot 20, ook over de 10
Eerst komen sommen tot 10. Daarna sommen tot 20 waarbij je niet over de 10 gaat, zoals 13 + 4 en 17 − 5. Het lastigste deel van het jaar is rekenen over de 10, zoals 8 + 5 en 13 − 6.
De meeste methodes leren daarvoor de tussenstap via 10: eerst naar 10, dan de rest. Ook dubbelsommen helpen: wie weet dat 6 + 6 = 12, weet ook dat 6 + 7 = 13.
Aan het eind van groep 3 maakt je kind plus- en minsommen tot 20, ook over de 10. Sommen tot 10 gaan dan meestal uit het hoofd. Bij sommen tot 20 mag de tussenstap nog nodig zijn.
8 + 5 via de 10: 8 + 2 = 10, dan nog 3 erbij: 10 + 3 = 13.
13 − 6 via de 10: 13 − 3 = 10, dan nog 3 eraf: 10 − 3 = 7.
Klokkijken, geld en meten
Bij klokkijken leert je kind in groep 3 de hele en halve uren op de wijzerklok. Half is vaak lastig: half 4 is een half uur vóór 4 uur.
Bij geld rekenen kinderen met munten en kleine briefjes, bijvoorbeeld: hoeveel is een munt van 2 euro en een munt van 1 euro samen? Bij meten vergelijken ze vooral: wat is langer, zwaarder of voller? Ze meten ook met hun voet, een stok of blokjes.
De rekentoetsen van school: M3 en E3
De meeste scholen nemen twee keer per jaar een rekentoets af uit hun leerlingvolgsysteem: halverwege het jaar (M3, rond januari of februari) en aan het eind (E3, rond juni). Welke toets dat is, verschilt per school. Lees meer over de toetsen van school.
In groep 3 worden de vragen vaak voorgelezen, zodat het om het rekenen gaat en niet om het lezen. Je kind krijgt kale sommen tot 20, maar ook vragen bij een plaatje, zoals: hoeveel appels liggen er samen? Tellen, splitsen en de getallenlijn komen ook voor. In E3 kunnen ook getallen tot 100, de klok en geld aan bod komen.
Je hoeft thuis niet speciaal voor de toets te oefenen. Wie regelmatig de sommen van dit jaar oefent, oefent al wat er in de toets terugkomt.
Rekenen groep 3 werkbladen om te printen
Om te printen, in zwart-wit. De antwoorden staan op de laatste pagina.
- Splitsen tot 10groep 3, pdf met antwoordenGratis printen
- Plus over de 10groep 3, pdf met antwoordenGratis printen
- Min over de 10groep 3, pdf met antwoordenGratis printen
- Hele en halve urengroep 3, pdf met antwoordenGratis printen
En in groep 4?
- Rekenen groep 4Plus en min tot 100, ook over het tiental, de tafels van 1, 2, 3, 4, 5 en 10, de eerste deelsommen en klokkijken met kwartieren.
Lastige punten bij rekenen in groep 3
- Tellen op de vingers bij elke som. In het begin is dat prima, maar bij sommen over de 10 wordt het traag en gaat het vaak mis. Oefen de splitsingen van 10 tot ze vanzelf gaan, en laat zien hoe je via 10 rekent.
- Bij min over de 10, zoals 14 − 6, tellen kinderen vaak één te veel of te weinig terug. Laat je kind eerst naar 10 springen: 14 − 4 = 10, dan nog 2 eraf. Dat is 8.
- Getallen omdraaien: 31 schrijven als 13. In het Nederlands zeg je de eenheden eerst (eenendertig), maar je schrijft de tientallen eerst. Laat je kind het getal neerleggen met staafjes van tien en losse blokjes.
- Half op de klok: kinderen kijken naar het uur dat geweest is. Half 4 wordt dan half 3. Zeg erbij: half 4 is een half uur vóór 4 uur.
Thuis aan de slag met rekenen in groep 3
- Tel samen dingen in huis of in de supermarkt, ook terug en in sprongen van 2 of 10.
- Schrijft je kind een cijfer in spiegelbeeld, zoals een omgedraaide 3? Dat is in groep 3 heel gewoon. Bij cijfers schrijven lees je hoe je kind de cijfers netjes leert schrijven.
- Speel spelletjes met dobbelstenen. Gooi met twee dobbelstenen en tel de ogen op, of gooi met drie voor sommen tot 18.
- Oefen de vriendjes van 10 tussendoor: jij zegt 7, je kind zegt 3.
- Houd het kort. Vijf tot tien minuten per keer is genoeg, liever vaak dan lang.
- Gaan de sommen tot 20 al goed? Oefen ze dan tot je kind ze meteen weet, zonder te tellen. Dat heet automatiseren. Als spel kan het ook, met de rekenspelletjes groep 3.
- Maak samen kleine verhaaltjessommen bij wat je doet: er liggen 5 appels en je pakt er 2. Hoeveel liggen er nog? Meer oefenen kan bij redactiesommen groep 3.

Rekenpakket groep 3
Tellen, splitsen, sommen tot 20, getallen tot 100, klok en geld in zes weken. Elke dag een kort onderdeel, met uitleg voor jou en alle antwoorden.
Vragen over rekenen in groep 3
Wat leer je bij rekenen in groep 3?
Tellen en sommen tot 20, splitsen tot 10, dubbelen en helften, en aan het eind de getallen tot 100. Daarnaast komen klokkijken met hele en halve uren, geld en meten aan bod. De volgorde verschilt per methode.
Wat moet je kind aan het eind van groep 3 kunnen bij rekenen?
Plus- en minsommen tot 20 maken, ook over de 10, zoals 8 + 5 en 15 − 7. De splitsingen tot 10 gaan dan het liefst uit het hoofd. Je kind kan tellen tot 100 en weet welk getal ervoor of erna komt.
Zijn er rekenen groep 3 werkbladen om te printen?
Ja, op deze pagina staan vier gratis werkbladen: splitsen tot 10, plus over de 10, min over de 10, en hele en halve uren. Ze zijn in zwart-wit, zodat ze goed printen, en de antwoorden staan op de laatste pagina. Wil je meer rekensommen voor groep 3, dan maakt de oefening hierboven bij elke ronde nieuwe sommen.
Mijn kind telt nog op de vingers. Is dat erg?
In groep 3 is dat normaal. Het doel is wel dat sommen tot 10 langzaam uit het hoofd gaan. Oefen de splitsingen kort en vaak, dan heeft je kind de vingers steeds minder nodig.
Hoe oefen ik rekenen groep 3 thuis?
Kies hierboven een onderdeel en maak samen tien rekensommen, of print een gratis werkblad rekenen groep 3. Ook spelletjes met dobbelstenen en tellen tijdens het boodschappen doen helpen.
Hierna oefenen
Alles van rekenen vind je op rekenen oefenen. Per groep: groep 3.



